Het kind

Ik ken maar weinig van zijn dromen. Of hoe hij ze laat gaan. Alleen de echo van zijn stappen door de mijne. De flinterdunne lach die schatert door zijn ogen. Het eeuwig staren naar een horizon die niemand anders ziet. Nachten die raken meer nog dan dag. Tranen die dalen tot aan het zachtst van zijn matras. Ik ken maar weinig van zijn dromen. Of hoe ik hem moet laten gaan. De verhalen in zijn ogen. De woorden die raken. De duizend klanken van zijn stem. Het kind in zijn alles.