Bagagedrager

Op het lichte gekras van de pennen om mij heen laat ik mijn ogen over de tafel dwalen. Een gestructureerde chaos van kleuren en (aspirant) dichters. We schrijven poëzieweek 2017 en de workshop Dichten met een knipoog. We beginnen met landen, dus schrijven de dichters bij zomaar een zin. De focus van thuis, van onderweg, van druk zijn in je hoofd, naar de tafel waar het allemaal ontstaat.

De zomaar een zin is: Met opzet verdwalen. Het gedicht dat ontstaat gaat over de tijd van nu en toen. Hoe je nu niemand meer nodig hebt om de weg naar huis te vinden. Hoe je in deze tijd alleen nog met opzet kunt verdwalen. En welke avonturen je mis loopt door de weg niet te vragen, aan zomaar een willekeurige voorbijganger. Zomaar een blonde krullenbol met lachende blauwe ogen die je spontaan meeneemt achter op zijn fiets. En verder….

De tafel fantaseert er lustig op los. De romantiek vult de lucht met iedere strofe die in de hoofden van de dichters ontstaat. En de wangen kleuren rood van de voorpret…….

We schrijven een middag later. Mijn oog valt in de plaatselijke krant op het verhaal van een man uit Syrië. Die zomaar verdwaalde in ons mooie IJsselstein. Niet met opzet, maar toch. En de weg vroeg. Aan een vriendelijke mevrouw op de fiets. Die hem meenam, achterop. En eindeloos bleef trappen op weg naar zijn bestemming. Wel een half uur lang. En verder……

Verder vertelt het verhaal niet. Ook niet of er sprake was van romantiek. Het verhaal is een bedankje. Aan de naamloze bagagedrager. Die met knipperend achterlicht zomaar in de onbekendheid verdween.

De dichters krassen verder met hun pennen. Het thema is humor, dus spelen we met interpunctie. En laten we langzaam het strakke rijmschema van het Triolet los. Een diepe lach over de onderstroom van ernst.

Waar ben ik? Nu ik ben verdwaald
Spring maar! Achterop? Ik breng je wel even
Waarheen breng je mij? Wat brengt mij dit?
Waar ben ik nu? Ik ben verdwaald
In verwarring, verblijd, verliefd?
Blij dat ik zit, achterop, wil ik wel mijn liefde geven
Waar? Ben ik nu…..?! Ik ben verdwaald
Spring maar! Achterop! Ik breng je! …..wel even.

Linda Kerkhoven

Misschien moeten we met z’n allen maar eens wat vaker met opzet verdwalen. In stegen en straten waar we niet eerder kwamen. In het vertrouwen dat we altijd de weg kunnen vragen. Dat er altijd een bagagedrager langs komt om ons te dragen. Een rug die ons uit de wind houdt. En benen die blijven trappen tot we op onze bestemming zijn. En daar dan over schrijven.